Bemiddeling

Buurtbemiddeling werkt voor de bemiddeling volgens de voorgeschreven methodiek van het CCV. Het proces zit er als volgt uit:

MELDING
Een verwijzende instantie (zoals de politie of de woningcorporatie) of een inwoner meldt het conflict aan.

INTAKE
Als een inwoner zich aanmeldt, vindt er meteen overleg plaats. Verdere intake gebeurt meestal binnen een à twee dagen. De maximale termijn is vijf werkdagen. De coördinator bepaalt of de klacht geschikt is voor buurtbemiddeling en vraagt welke stappen de melder zelf al heeft ondernomen.

SELECTIE BEMIDDELAARS
Als de melder het probleem niet alleen kan oplossen en de melding komt in aanmerking voor buurtbemiddeling, dan selecteert de coördinator een passend team van twee deskundige bemiddelaars. De coördinator zorgt voor een goede match tussen de vraag en de kennis en ervaring van de vrijwilligers.

GESPREK
De twee buurtbemiddelaars bieden op een neutrale en onafhankelijke wijze ondersteuning. De bemiddeling bestaat uit:

  • Gesprek met de eerste partij: de bemiddelaars voeren een gesprek met de melder. Dit is bij de melder thuis of eventueel op een neutrale locatie.
  • Gesprek tweede partij: de bemiddelaars benaderen de tweede partij.
  • Bemiddelingsgesprek: als beide partijen willen meewerken, vindt er een gezamenlijk bemiddelingsgesprek plaats op een neutrale locatie (buurthuis, gemeentehuis et cetera). Partijen zoeken, ondersteund door bemiddelaars, zelf naar een oplossing waarin zij zich kunnen vinden. De ervaring leert dat het vaak al mogelijk is om in één gesprek tot afspraken te komen.

NAZORG
De bemiddelaars maken afspraken met beide partijen over nazorg. Het uitgangspunt is dat de bemiddelaars bellen met beide partijen om te controleren of het conflict inderdaad is opgelost. De termijn waarop dit gebeurt, wordt in onderling overleg bepaald. Meestal vindt nazorg plaats binnen twee tot zes weken.

Meer informatie en tips om zelf aan de slag te gaan vindt u op de website Eerste Hulp bij Buren